Scroll-downicon-faxLogoicon-mailScroll-downicon-phoneScroll-downScroll-down

Vleesconsumptie: Belg gaat steeds bewuster om met vlees

Vlees blijft een belangrijke plaats innemen in het voedingspatroon van de Belg, toch daalde de vleesconsumptie het voorbije jaar lichtjes van 18,2 kg per capita naar 17,5 kg. De Belg wisselt vlees vaker af met gevogelte, vis en vegetarisch en eet opnieuw meer buitenshuis. Deze gegevens volgen uit onderzoek dat GfK Belgium en iVox uitvoerden in opdracht van VLAM en betreft het thuisverbruik.

Consumptie van vers vlees daalt tot 17,5 kg in 2017

Vrijwel alle Belgische gezinnen (99%) kopen op jaarbasis vlees. De aankoopfrequentie voor vlees van een doorsnee gezin is flink gedaald ten opzichte van 10 jaar geleden. In 2008 kocht een gemiddeld Belgisch gezin 63 keer vlees, in 2017 was dit nog 52 keer. Dit is gedeeltelijk een gevolg van een algemene daling in het aantal shoppingtrips van de Belg: we winkelen minder vaak, maar kopen meer per winkelbezoek (one-stop-shopping). Maar daarnaast is er ook een daling in het totale aangekochte volume vlees (incl. gevogelte, wild en diepvriesvlees, maar exclusief vleeswaren): in 2008 bedroeg het thuisverbruik 34,9 kg per capita, in 2016 kwamen we uit op 28,6 kg per capita en in 2017 op 28,1 kg per capita. Het thuisverbruik van gevogelte bleef de laatste 10 jaar relatief stabiel op 10 kg per capita. De daling komt dus vooral op conto van vers vlees, dat daalde van 23,7 kg in 2008 tot 17,5 kg per capita in 2017.

Binnen vers vlees noteren we een dalend thuisverbruik voor alle vleessoorten:

  • Rundvlees: van 6,5 kg per capita in 2008 tot 4,6 kg in 2016 en 4,4 kg in 2017
  • Kalfsvlees: van 1,0 kg per capita in 2008 tot 0,7 kg in 2016 en 0,6 kg in 2017
  • Varkensvlees: van 7,2 kg per capita in 2008 tot 5,7 kg in 2016 en 5,5 kg in 2017
  • Vleesmengelingen: van 7,8 kg per capita in 2008 tot 6,5 kg in 2016 en 6,3 kg in 2017

Vleesconsumptie wordt afgewisseld met vis of vegetarisch

De daling in het thuisverbruik van vlees komt er enerzijds omdat we opnieuw meer buitenhuis zijn gaan eten (zie verder) en omdat we vlees meer afwisselen met gevogelte, vis of vegetarisch. Het segment vleesvervangers blijft wel zeer klein met een thuisverbruik van 0,3 kg per capita. Het thuisverbruik van vis, week- en schaaldieren kwam in 2017 uit op 5,5 kg per capita. Binnen de korf vlees-gevogelte-vis-vleesvervangers blijft vlees dus nog steeds 54% van het volume voor thuisverbruik innemen, en gevogelte en wild 30%. Vis kwam in 2017 uit op een aandeel van 15% en vleesvervangers van 1%. 

De belangrijkste redenen die Belgen aanhalen waarom ze meer afwisselen, zijn:
• Gezondheid. Zo vernemen consumenten via allerlei kanalen dat veel (rood) vlees eten, niet zo gezond is. Toch beseft het merendeel wel dat vlees een voedzaam product is. Zo gaat 71% akkoord met de stelling dat vlees essentiële voedingsstoffen bevat en bijgevolg niet zomaar kan geschrapt worden uit een evenwichtige voeding.
• Smaakvoorkeur: men lust ook wel eens graag vis of vegetarisch
• Variatie: we willen graag gevarieerd eten en wisselen dus vlees af met vis en vegetarisch
• Milieu: men meent dat overmatige vleesconsumptie een negatieve impact heeft op het milieu
• Prijs: een derde van de respondenten vindt vlees (te) duur
• Dierenwelzijn: er moeten dieren geslacht worden om vlees te kunnen aanbieden

Herkomst wint aan belang bij aankoopkeuze vlees

54% van de Belgen verklaart dat het land van herkomst een zekere invloed heeft op hun aankoop van vlees. In 2007 was dit maar 46%. Van diegenen die belang hechten aan het land van herkomst, heeft 57% een sterke en 39% een lichte voorkeur voor vlees van bij ons. Ze hebben een voorkeur voor inlands vlees omdat dit vaak goedkoper is, omdat het de lokale economie ondersteunt, omdat er strenge controles en hoge normen zijn, omdat het milieuvriendelijker is (o.a. transport), omdat het verser is,…